subscribe to the RSS Feed

Kom in beweging!

Amos 7, 12-15, Marcus 6, 7-13

Een paar weken geleden heb ik samen met een medeparochiaan gewaakt voor het klimaat. Misschien heeft u er van gehoord, van de klimaatwake. Tijdens de gehele formatieperiode wordt er wacht gehouden voor een leefbare planeet. Overdag bij de ingang naar het Catshuis, en ’s nachts vanuit de woonkamers, online. Na onze wake werden we afgelost door een groepje jongeren, die de hele nacht buiten zouden blijven waken. “Het gaat om onze toekomst”, was hun motivatie. Jongeren proberen op allerlei manieren om hun stem te laten horen. Maar wórdt die gehoord? Wórdt er echt naar hen geluisterd? Of wordt er vooral óver hen gepraat, en nauwelijks mét hen? Zij vragen een radicale verandering van koers, die wordt steeds uitgesteld. Er wordt alleen een beetje bijgestuurd.. Ik dacht: eigenlijk zou je deze jongeren kunnen zien als hedendaagse profeten.

Profeten hebben het niet makkelijk. Dat was al zo ver voor onze jaartelling en dat is nog steeds het geval. Profeten hebben immers vaak een boodschap die niet bij iedereen welkom is. Onze hedendaagse profeten leggen de vinger op de zere plek zoals onze omgang met de aarde en met elkaar, de ongelijke verdeling van geld, macht en goed. Daarom luisteren we liever niet naar deze profeten en zouden we hen het liefst wegsturen.

Dat overkwam Amos. ‘Ziener, u moet maken dat u wegkomt. Verdwijn maar naar Juda’ en ga hun daar maar lastigvallen, niet hier. Jammer voor de mensen in Betel en de koning. Want Amos kwam met de beste bedoelingen. Een ziener wordt hij genoemd. Een ziener, een profeet, is niet hetzelfde als een toekomstvoorspeller. Een profeet, iemand als Amos, doorziet wat er vandaag mis. Hij doorziet het nú, kijkt dwars door de waan en waanzin van het heden heen, hij is een Ziener. Hij zegt, wil het mórgen wat worden, dan zul je vandáág de eerste stappen moeten zetten in de goede richting. Amos doorziet wat anderen niet zien of niet willen zien. Hoe namelijk een kleine elite in de samenleving in weelde baadt, alles voor het zeggen heeft en de minder bedeelden laat barsten. Ook nu nog heel herkenbaar.

Arme Amos, dacht ik. Er wordt niet naar hem geluisterd, hij wordt weggestuurd. En hij voelde zich niet eens een profeet. Hij was een boer, een mens met gezond verstand. Hij had gehoor gegeven aan het woord van de Heer, die hem achter zijn vee had weggeroepen om het volk Israël ervan te doordringen dat ze moesten luisteren en leven naar het woord van de Heer. Het deed me denken aan die andere herdersjongen die achter de schapen vandaan werd gehaald, aan David die uitgroeide tot een messiaanse koning. Een koning die de weg van recht en gerechtigheid bewandelde. Die weg is Jezus ook gegaan en die weg stuurt Hij de twaalf op, om andere mensen eveneens die weg te wijzen.

Jezus stuurde zijn vrienden twee aan twee zonder ballast van een rugzak met voedsel en kleding op pad. Ze hadden ook niet veel nodig. Ze hadden een blijde boodschap te verkondigen, die ook ons vandaag de dag nog steeds in de oren klinkt. Dat er een God van liefde is die zich ook om jou bekommert. Dat God alles geschapen heeft en nog steeds mensen bezielt om de schepping verder te brengen. Dat we altijd mogen rekenen op Gods genade. Maar ze zullen ook kritische vragen hebben gesteld aan de mensen met wie ze in gesprek gingen. Zijn we nog op weg naar het rijk Gods? Of zijn we in ons doen en laten daar van afgedwaald? Moeten we omkeren en het opnieuw proberen? We zijn niet perfect maar God vraagt geen perfectie. We mogen fouten maken. Hoe bewust zijn we daarvan wanneer we het ‘Onze Vader’ bidden. ‘En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven onze schuldenaren.’ Vergeving ontvangen we vanuit zijn onuitputtelijke liefde en genade. Liefde en genade die we ook voor elkaar moeten hebben.

Zijn we nog op weg naar het rijk Gods? Hebben we er een beeld van? Misschien zien we soms een glimp van dat koninkrijk, waar gerechtigheid als rivieren stroomt en de wijnstok bloeit tegen klippen op. Ik kan me voorstellen dat de leerlingen met hun verhaal iets van verlangen naar die wereld wakker riepen. Een verlangen dat ook diep in ons aanwezig is. Daar willen we wel voor in beweging komen, toch?

‘Door de wereld gaat een woord, en dat drijft de mensen voort. Pelgrims richten hun gezang, tegen onrecht tegen dwang.’ Dat doen de pelgrims die komende herfst meelopen met de klimaatpelgrimage van Polen naar Glasgow waar begin november weer een klimaattop zal zijn. In oktober logeren ze een nacht in Zeist en zullen ze door de kerken in Zeist, waaronder onze parochie, ontvangen worden, onderdak en voedsel krijgen. Ik zie deze pelgrims als hedendaagse profeten die door ‘zomaar te gaan’ hun stem om klimaatgerechtigheid laten horen en daarmee ons oproepen om ook in beweging te komen.

In beweging komen gaat het makkelijkst zonder veel ballast. Als Jezus zijn leerlingen verbiedt veel bagage mee te nemen als ze eropuit trekken om zijn boodschap te verkondigen, dan is dat om te zorgen dat ze zich helemaal aan die taak kunnen wijden en hun aandacht niet wordt afgeleid door allerlei bijkomstigheden. Ook wij zouden eens kunnen kijken hoeveel ballast we meeslepen aan materiële goederen, hunkering naar status en macht en wat we daarvan zouden kunnen loslaten. De aarde zou er in ieder geval baat bij hebben. Onze ecologische voetafdruk en CO2-uitstoot wordt grotendeels bepaald door de hoeveelheid spullen die we hebben. En wil het verhaal ons ook niet zeggen dat we, met minder ballast, zelf ook gelukkiger worden.,

Als we de betrekkelijkheid van veel zaken wat meer onder ogen zien, als we trouw kunnen zijn aan de wezenlijke waarden van ons leven: vriendschap en liefde, voor elkaar, voor God en voor onze medeschepselen, dan zal Jezus’ blijde boodschap ook in ons blijdschap en vreugde brengen.

 

Marjolein Tiemens-Hulscher
11 juli 2021
R.K. Parochie Sint Maarten, Driebergen