Spring naar inhoud

Begrip van de schepping

Goed initiatief inderdaad, een online debat over religie en duurzaamheid. Ik vind de aftrap wel al meteen ingewikkeld. En met deze opmerking lever ik meteen maar mijn eerste bijdrage.

Waarom ingewikkeld?
Omdat schepping in de inleiding wordt geïdentificeerd met de aarde en de natuur. Dat gebeurt natuurlijk heel vaak. Maar in mijn ogen is schepping in de eerste plaats een handeling, een gebeurtenis, of liever: een gebeuren, dat steeds dóórgaat en waar we als mensen bij uitgenodigd zijn om mee te doen. Toen God hemel en aarde schiep, was de aarde er al! Scheppen was en is vooral ordenen en daarmee ruimte(s) creëren om te leven; om goed te leven, niet alleen voor mensen, maar voor alle leven. Dat mogen, of nee, moeten we dus zelf ook doen. Daarover gaat duurzaamheid; het werken aan duurzaamheid.

En in tweede instantie is ‘schepping’ misschien eerder een bepaalde manier van kijken naar de werkelijkheid dan die werkelijkheid zelf; namelijk een wijze van kijken die iets zegt over God (zie bijvoorbeeld Schepping. De wereld als voorspel voor de eeuwigheid. [download PDF], Van de Beek, 1996, hierover). Het gaat dan minstens zoveel om het heden en de toekomst als om het verleden, de oorsprong van alles. Het gaat meer over hoe het zou moeten zijn, dan om hoe het is, laat staan hoe het misschien ooit was. God wordt dan neergezet als een god van belofte, van betrouwbaarheid; een die ruimte schept om te leven en daarbij ook verantwoordelijkheid geeft (én vraagt).

Maar dat roept meteen de volgende vraag op: wat bedoelen we eigenlijk met het woord 'God'. Wat mij betreft is dat in de eerste plaats een uitdrukking voor onze menselijke ervaring van het mysterie van de werkelijkheid, de grootsheid en ongrijpbaarheid ervan, het altijd anders zijn dan we denken. Tegelijk zeggen we hiermee, denk ik, dat we in de werkelijkheid een bepaalde ordening en onderlinge afhankelijkheid aantreffen, die we aan de ene kant kunnen ervaren als zorgzaamheid die vertrouwen wekt, maar die aan de andere kant ook altijd onzeker, ongrijpbaar en veranderlijk is (zoals Catherine Keller ook aangeeft, zoals weergegeven in Groene theologie van Trees van Montfoort, 2019) en daarmee bedreigend kan overkomen.

Leven blijft een waagstuk. Daarin gaan soms (vaak?) dingen fout. Dat komen we dan als crises weer tegen. Menselijkerwijs gesproken kunnen we niet voorkomen dat dat zo nu en dan gebeurt. Het beste dat we kunnen doen is ons steeds weer inzetten voor een verbetering van de situatie, mét alle onzekerheid en onenigheid over wat nu eigenlijk een verbetering is. Dat gaat allemaal niet vanzelf. Waar we op kunnen, moeten, moeten durven vertrouwen is dat we op enig moment, hoe dan ook, onverwacht en soms ondanks onszelf door die crises heenkomen. Ook dat is God, de ervaring van God. Zoals ik ooit in de toenmalige DDR het motto tegenkwam: Vertrauen wagen. Daar gaat het om.

 

Christiaan Hogenhuis, 30-12-2021

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *