Spring naar inhoud

Gedeelde gronden

Welke verantwoordelijkheden voelden de protestanten voor het milieu? Aan de hand van deze vraag analyseren diverse auteurs van het boek ‘Gedeelde gronden’ de protestantse houding en betrokkenheid bij ‘het milieu’. Zij doen dit op drie terreinen:

1. Hoe dachten protestantse groepen in Nederland over natuur, milieu en klimaat? Verschilden die van anderen?
2. Hoe ontstonden netwerken rondom ecologische thema’s? Wat voor netwerken waren dit en met wie werd samengewerkt?
3. Op welke manieren handelden protestanten in relatie tot het milieu?

Landbouw

Opvallend is dat de landbouw in veel artikelen een rol speelt, maar wel op verschillende manieren. De negentiende-eeuwse Nederlandse emigranten gebruikten de landbouw om de Amerikaanse wildernis te overwinnen. In de zending van de Evangelische Broedergemeente in Suriname was landbouw een middel tot opvoeding van de jeugd. Duurzaamheid was geen issue. Dat was anders bij het zendingswerk op Celebes waarbij de droge rijstteelt van de inheemse bevolking werd vervangen door natte rijstteelt, die minder belastend was voor het milieu. In Nederland zorgden de mestoverschotten in de landbouw (vanaf jaren 70) voor een soort van milieubewustzijn. De boeren van de Nederlandse Christelijke Boeren- en Tuindersbond onderkenden wel het belang van rentmeesterschap, maar uiteindelijk won toch altijd de rekenmeester. In de kerken kwam de relatie met de landbouw vooral in de bid- en dankdagen voor het gewas tot uiting.

In de kerken

Aandacht voor de ecologische crisis in de protestantse kerken kende zijn golfbewegingen, reagerend op rapporten van de Club van Rome, de commissie Brundtland en het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change). Daarbij werd meegelift op de oecumenische beweging. Voorbeelden: de Werkgroep Nieuwe Levensstijl, Werkgroep Kerk en Milieu, het Conciliair proces voor gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping en meer recent de groei van het aantal de Groene Kerken. De protestanten deden zeker mee in natuurbeschermingsorganisaties en stonden ook aan de oprichting daarvan. Ze deden gewoon mee met andere. Er ontstonden geen specifieke protestantse milieubewegingen. Het is de kerken ook niet gelukt om echt samen te werken met natuurbeschermingsorganisaties.

In de Nederlandse theologie kwam het milieubesef vanaf 1960 mondjes maat van de grond. Er werden aanzetten gegeven om het denken over de God-mens relatie uit te breiden naar een driehoeksrelatie God-mens-aarde. Vanaf de jaren 90 komt een systematische theologische bezinning, die zich met ‘trage vragen’ bezighoudt, op gang.

Theologie

Al met al blijkt de protestantse betrokkenheid bij het milieu complex en wisselend. Eigenlijk niet afwijkend zoals die was en is in de seculiere samenleving. Het boek biedt een boeiend, afwisselend en relevant verhaal over religie, natuur en de zoektocht naar een duurzame leefwijze.

Gedeelde gronden
Protestantisme en milieu in Nederland
Peter van Dam en David Onnekink (red)
KokBoekencentrum Uitgevers, Utrecht

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *