Pas vierden we in onze kerk startzondag: het begin van het nieuwe kerkelijk jaar. In veel PKN-gemeenten wordt dan ook het jaarthema voor het komende seizoen bekendgemaakt. Dit jaar is dat: ‘Kijk! Laat je verrassen door het werk van Gods Geest’. Een prachtig en inspirerend thema, vind ik zelf.
Deze zomer is bijzonder voor mij, want onze jongste zoon gaat in augustus trouwen. Hij gaat zelfs een internationale relatie aan, want hij huwt een Française in Frankrijk. Onze zoon en zijn toekomstige vrouw zijn al enkele jaren bezig een biologische boerderij op te zetten en te exploiteren. Beiden hebben ze een goede opleiding en positie gehad als landschapsarchitect respectievelijk internationale handelsdeskundige. Maar in toenemende mate voelden ze zich ongelukkig in hun moderne grootstedelijke woon- en werkomgeving. Ook raakten ze vanuit hun expertise bezorgd over de kwetsbaarheid, energieafhankelijkheid en milieuschade van de huidige industriële voedselproductie. Overigens zonder elkaar te kennen, de een in Frankrijk, de ander in Nederland.
Wij zijn natuur is de titel van een tentoonstelling die prinses Irene van Lippe-Bisterveld maakte voor het Singermuseum in Laren. Ik had al vaak over het Singermuseum gehoord maar was er nog nooit geweest. En de visie van prinses Irene op de relatie mens-natuur spreekt me erg aan. Bovendien zeggen ‘beelden’ meer dan 1000 woorden. Reden genoeg om op de fiets te stappen en naar Laren te gaan.
Het nieuwe Handboek kerkvergroeners’ is voor iedereen die vanuit geloof goed met de Aarde wil omgaan en ernaar verlangt dat zorg voor de schepping ook in de kerk een plek krijgt. Aandacht voor duurzaamheid in de kerk groeit gelukkig, maar is nog lang niet altijd een vanzelfsprekendheid. Dit boek geeft handreikingen om in je geloofsgemeenschap met elkaar in gesprek te gaan en te reflecteren op onze levenshouding en levensstijl. Je vindt inspirerende en enthousiasmerende verhalen van mensen en kerken die al langer werken aan ‘kerkvergroening’ en voorbeelden van wat je praktisch zou kunnen doen in de kerk. Het boek kan helpen om je geloofsgemeenschap mee te nemen in het proces van vergroenen. Hoe ga je om met verschillende gevoelens die leven rondom het thema duurzaamheid en verandering? Naast aandacht voor de praktijk biedt het boek ook verdieping, om te begrijpen waarom een duurzame levensstijl heel logisch voortvloeit uit het christelijk geloof. Het is de schepping zelf die roept om een kerk die zorg draagt, om mensen die zorg dragen.
Het boek maakt deel uit van de serie ‘Werken in de kerk’ die al jarenlang veel gebruikt wordt in allerlei kerken. Omdat de wereld en de kerk veranderen worden de boeken één voor één weer opgefrist aan de hand van nieuwe inzichten en met oog voor doorgaande trends en ontwikkelingen. Het Handboek kerkvergroeners is tot stand gekomen door een samenwerking van GroeneKerken en de uitgever Buijten & Schipperheijn.
Het valt niet te ontkennen dat het er in dit nieuwe jaar niet goed uitziet. Het aanpakken van de klimaatcrisis, het herstel van de biodiversiteit, het verbeteren van het milieu, je zou bijna zeggen, vergeet het maar. Mondiaal, en ook in Nederland.
Je gaat op zoek naar lichtpuntjes. Op tweede kerstdag keek ik naar het optreden van Freek de Jonge. Weinig hoop in bange dagen. Ik keek met enige weemoed naar een mooie, scherpe voorstelling, met opvallend veel verwijzingen naar geloof, omringd door hoop en liefde. Het zingen aan het einde van Vrede op Aarde was zingen in het duister, met toch een sprankje hoop.
Ik las de column van Iris Sommer in Trouw van 28 december. Zij herschreef de 10 geboden, die toch wel erg oud zijn. Eén van de “nieuwe” geboden, richtingwijzers , formuleerde ze als volgt: Zoek uit waar u goed in bent en zet dat in. Planeet aarde is een roeiboot, geen cruiseschip.
Ik ben op zoek gegaan naar mijn roeiriemen, en ga ze inzetten in het nieuwe jaar, de aarde vooruit helpen.
Op de landelijke natuurwerkdag heeft de Heilige Franciscusparochie Bommelerwaard een stuk grond teruggegeven aan de natuur. ‘En dat is eigenlijk heel vanzelfsprekend’, zegt pastoor Roland Putman, ‘het is Gods grond.’ De parochie wil op deze manier uitdrukking geven aan het gedachtegoed van zijn naamgever Sint Franciscus van Assisi. Franciscus had een liefdevolle band met de dieren, met heel de natuur. Voor hem was elk schepsel een broeder of een zuster.
Coen van Loon noemt het inrichten van het nieuwe natuurgebiedje van bijna 2 hectare een prachtig gebaar. ‘Het past helemaal in de tijd waarin we leven, waarin we meer oog voor de natuur moeten hebben.’ Pastoor Putman vertelt dat Franciscus zei: “Niet de kerk is mijn wereld, de wereld is mijn kerk.’ Daar moet het gebeuren.
"Niet de kerk is mijn wereld, de wereld is mijn kerk"
Alle schepselen bestaan slechts in onderlinge afhankelijkheid om elkaar wederzijds aan te vullen ten dienste van elkaar, kunnen we lezen in de katechismus van de katholieke kerk. Die wederzijdse dienstbaarheid is precies waar het om gaat in het nieuwe natuurgebiedje, dat wordt ingericht als woonplaats voor de patrijs en vele andere akkerland soorten. Maar het wordt ook een baken van rust, waar mensen tot zichzelf kunnen komen als ze zichzelf voorbij dreigen te rennen.
Pastoor Roland Putman steekt ook zelf de handen uit de mouwen. Foto: van Balken
In de zegen, die Putman uitsprak voordat de schoppen de grond ingingen, komt alles samen: ‘We danken u dat we hier kunnen werken om het land letterlijk op de schop te nemen. Niet om mensen onder te schoffelen, maar dat mensen tot bloei kunnen komen door de vogels die hier zullen nestelen. Zegen deze mensen, zegen deze grond en dat de grond tot zegen mag zijn van velen.’
Afgelopen week zag ik een bosrand in herfstkleur, met bruin, rood, geel en nog her en der wat groen. Prachtig! Je zou denken dat bomen niet denken, maar een bezoek aan het Groote Museum Artis leerde me dat de ‘denkkracht’ van bomen in de wortels zit, die er bijvoorbeeld voor zorgt dat de bomen met hun kruinen de bosrand opvullen. Dankzij de nieuwe inzichten uit de wetenschap keek ik anders. Ik was vol verwondering en bewondering voor dit organisme de bosrand en realiseerde me dat ook mijn lichaam vol zit met bacteriën.